Inleiding
   Kwartierstaten
   Voormoeders
   Thema's
   Overigen

Verhalen


Adriana Verrijp en Pieter Hoogvliet: Cillaarshoek, Hoeksche waard (vanaf 1875)

Pieternella Hoogvliet, mijn oma van moeders kant kwam uit een groot en hecht gezin. Pietje, zoals ze genoemd wordt, was de op twee na jongste. Vooral met haar jongere zus Grietje en broer Teun heeft ze haar leven lang veel contact gehad. Haar ouders, Piet en Jaantje hadden samen tien kinderen.
Mijn oma verteld heel vaak dat haar ouderlijk gezin bestond uit 'vijf jongens en vijf meiden, vijf met bruine en vijf met blauwe ogen'.
Heel muzikaal waren ze. Ze zongen samen en vormden een vierstemmig koor. De avonden werden vaak met elkaar doorgebracht. De meisjes waren aan het handwerken en vader las voor.
Piet een Jaantje kregen ruim dertig kleinkinderen. Deze kwamen als neven en nichten kwamen nog jaren later bij elkaar. Voor een familiedag in 1980 schreef één van die kleindochters een lang gedicht over het gezin van haar grootouders. Van dat gedicht heb ik een aparte, geïllustreerde pagina gemaakt.

KLIK HIER voor het gedicht




Verhalen van mijn opa.

Mijn opa van moeders kant vertelde graag over zijn leven. Aan het eind van zijn leven heeft hij nog geprobeerd wat op papier te zetten, maar is niet zo ver gekomen.
Hier vast twee verhalen van wat wel beschikbaar is, zijn jonge jaren in de Haarlemmermeer en zijn ervaring met de Spaanse griep.



Kees van de Pol: Haarlemmermeer (1901-1907)

Kees van de Pol, 1904
Kees van de Pol als driejarige in 1904.

Mijn vader trouwde Keetje Pater en vertrok vanuit Renswoude naar de Haarlemmermeerpolder. Daar werd ik geboren op 10 mei 1901. Mijn vader was bedrijfsleider op de Heerenboerderij van de familie Hanedoes, vlak bij Fort Schiphol en bij het Schinkelveer en het fort aan de ringvaart. Een geweldig grote boerderij met honderden ha. land. Er waren daar wel 30 paarden om het land te bewerken. De familie Hanedoes woonde in een heel groot herenhuis aan het einde van de oprijlaan die vanaf de dijk van de ringvaart rechttoe naar het grote huis liep, Kraaijveld werd het genoemd.

Er stonden een groep arbeiderswoningen lang de oprijlaan. Ik kwam heel veel op het Herenhuis. Daar waren veel grote kinderen. Mijn eerste loon verdiende ik bij die Heren met vloeken. Ik wat toen ongeveer drie jaar. Elke keer als ik daar kwam kreeg ik een stuiver.
Toen ik zes jaar was moest ik naar school in Aalsmeer. Wij gingen met een passagiersboot vanaf het Fort Schinkelveer. Inmiddels waren er twee broertjes en een zusje geboren die intussen alle drie overleden waren.
Toen ik een half jaar op school was kreeg ik longontsteking. De dokter zei tegen mijn moeder. ‘Als je er nog één over wilt houden moet je maken dat je de Haarlemmermeer uitkomt.’ Dat deden wij, want mijn vader was toen ook al ziek van de moerasgrond in de polder en liep met een stok.
In de winter, zijn wij vertrokken. De heer bracht ons met de arrenslee weg naar het station in Amsterdam. Hij reed met de arrenslee over de ringvaart.
Mijn vader kocht in Gelderland een kleine boerderij, de Fliert, gemeente Ede. In Ederveen heb ik de lagere school afgemaakt.

Opmerking 1: De familie Hanedoes kwam uit Woudrichem, van het landgoed Kraaijveld.
Hendrik Anthonij Hanedoes (1827-1913) 00 Elisabeth Carolina Pape (1838-1920) trekt naar de Haarlemmermeer. Een broer van Hendrik is de schilder Louwrens Hanedoes.
Carel (1863) wordt notaris in Amsterdam en Gabriel (1869) wordt Kunst-glaschilder. Zoon Tjerk (1872) runt later de boerderij. Hij wint diverse prijzen met zijn paarden. Cornelis (1877) is un 1909 huisarts in Scherpenzeel. Dat is vlakbij Renswoude en Ederveen waar de ouders van mijn opa vandaan kwam en in 1907 weer gingen wonen.

Opmerking 2: Op de locatie van het Kraaijveld is de eerste fase van Schiphol gerealiseerd. Vanaf 1916 werd hier een militair vliegveld aangelegd. In 1920 werd de eerste lijndienst voor passagiers geopend. De oude oprijlaan heeft de naam Kraayveldstraat gekregen. Daar staan momenteel gebouwen van de KLM.
De boerderij Kraaijveld, inclusief 90 ha. grond wordt in 1913 geveild. Het heerenhuis wordt dan nog bewoond door Tjerk Hanedoes.


Spaanse Griep. Kees van de Pol: Essen en Renswoude (1918).

aspirin
Aspirin, begin 20e eeuw. Foto: Ullstein Bild op www.historianet.nl

In 1917, ik was inmiddels zestien jaar, ging ik in Duitsland werken, samen met twee andere mensen uit Renswoude, een vriend Evert Pol en een oude man, Jan van Dijk. Wij werkten in Essen bij Krupp in nachtdienst en verdienden heel goed.
Dat duurde tot de ziekte Spaanse Griep uitbrak. Ook wij werden ziek. Ze vertelden ons dat wij Aspirin moesten innemen. Overdag gingen we de stad in en kochten elk een doosje Aspirine. Ik ging die avond dus naar bed en maakte de aspirine op, alle tien de tabletten. De volgende morgen vertelden de mensen me dat ik ’s nachts wild was geworden, gek was gaan doen. Ook mijn beide kameraden waren heel ziek.

Ze maakten me om vier in de ochtend wakker uit mijn slaap en we besloten om naar huis te gaan. Wij zijn toen naar het station gelopen en vertrokken met een vierdeklas wagon. Op elk einde van de wagon was een bank en verder aan de kop lussen. Zo kwamen wij tot Zevenaar. Van daar verder in een Hollandse derde klas wagon naar Veenendaal de Klomp. In de middag kwamen we doodziek aan.
In Veenendaal de Klomp zijn we direct naar de dokter die daar woonde gegaan. Hij zei: ‘Daar komt Duitsland aan,’ en gaf geneesmiddelen mee voor de stoelgang. Wij wisten wel wat dat was. De volgende morgen kwam mijn vader terug van het land waar hij werkte en vertelde tegen mijn moeder dat Jan van Dijk was gestorven. Mijn ouders waren ook bang voor mij. De dokter kwam twee dagen later langs en vroeg of ik stoelgang had gehad. Ik zei: 'Nee'. Toen zei hij: ‘Een paard zou zich kapot gescheten hebben.’ Ik: ‘O ja, dat heb ik ook gedaan.’

Opmerking 1: Jan van Dijk overlijdt op 3 okt 1918 in Renswoude op 51 jarige leeftijd. Hij is ongehuwd en zoon van Dirk van Dijk en Maria Catharina Kester

Opmerking 2: Naar aanleiding van de Mexikaanse griep in 2009 verschenen er in Amerika wetenschappeljke artikelen over overmatig gebruik van aspirine als mogelijk bijkomende doodsoorzaak ten tijde van de Spaanse Griep.



naar menu vragen of aanvullingen:   info@maartjese.nl